image

Cover mrt 22

 

mrt 08

In Memoriam Frans Remery

Frans Remery overleed volkomen onverwacht op 1 december 2021. Precies op die dag verscheen het boek Bruggen over de Maas, waaraan Frans een alles bepalende bijdrage heeft geleverd. Zijn aanpak was kenmerkend, sympathiek en enthousiasmerend, wat ook gold voor zijn indrukwekkende carrière.
Beschreven wordt Frans als Rijkswaterstater, werktuigbouwkundig specialist in een civiele (bruggen)omgeving, als bestuurslid van de NBS, als redactielid van BRUGGEN en tot slot in een persoonlijke herinnering van een oud-projectleider.

mrt 01 

3D-geprinte, betonnen brug in Nijmegen

Nijmegen kreeg in 2020 de langste betonnen 3D-geprinte, betonnen voetgangersbrug ter wereld. Rijkswaterstaat innoveert en wil ervaring opdoen met de mogelijkheden die 3D-printen biedt voor duurzame en circulaire projecten.
3D-printen met beton biedt milieuvoordelen: zo is minder materiaal nodig, doordat de betonprinter alleen beton toepast daar waar het nodig is. Daarnaast is het efficiënter omdat het ontwerp, de mal, met slechts wat kleine aanpassingen hergebruikt kan worden voor andere nieuwe bruggen.
De fietsbrug is de langste, geheel geprinte 3D-brug van Europa. Het ontwerp uit 1918 is van de Tilburgse vormgever Michiel van der Kley.

 mrt 02

 De toepassing van artificial intelligence, parametrisch ontwerp en sensoren in infra-engineering

Kunstmatige intelligentie, parametrisch ontwerpen en sensoring: dankzij nieuwe technologieën staan we aan de vooravond van een revolutie in het werkveld van engineering. En dit is nodig. Automatisering en digitalisering zijn sleutels om de vervangingsopgave –en een tekort aan technische kennis- het hoofd te kunnen bieden. De onuitputtelijke rekenkracht van computers resulteert niet alleen in betere oplossingen en inzichten; je zet de expertise van engineers en constructeurs effectiever in. De resultaten zijn veelbelovend.
De herberekening Rozenburgsesluisbruggen is een voorbeeld van de toepassing ervan.
Beide bruggen dateren uit het begin van de jaren zeventig en naderen het einde van hun levensduur. Het havenbedrijf wilde graag inzicht krijgen in de capaciteit en hun restlevensduur.
Zoals in alle dynamisch belaste constructies, speelde vermoeiing een belangrijke rol in de herberekening. Beide objecten zijn ontworpen in een periode waar minder kennis voor handen was over de materiaaleigenschappen en de schademechanismes van staal. Deze combinatie van factoren vergroot het risico op vermoeiingsschades. Deze worden naar verloop van tijd onder meer zichtbaar in lasverbindingen, boutverbindingen en aansluitingen op dekplaten en dwarsdragers.
Het uitvoeren van vermoeiingsberekeningen voor dynamisch belaste, stalen kunstwerken is een tijdrovend proces. In het geval van de Rozenburgse sluisbruggen kregen we te maken met zo’n honderd invoervariabelen zoals wagentypen, -posities en -belastingen, variabele voegfactoren en verschaling over jaartallen.
Een applicatie, gebaseerd op parametrisch ontwerpen,- maakt het mogelijk om op basis van relaties tussen de verschillende onderdelen een berekening, waarin alle normen zijn vastgelegd. keer op keer ‘automatisch’ uit te voeren. Kortom, voor elke variabele is de computer in staat om deze langs àlle gedefinieerde relaties door te rekenen en vervolgens conclusies te trekken over de capaciteit van de constructie.

 mrt 03

 Bergwijkbrug Merelbeke (België)

De bestaande Bergwijkbrug uit 1957 was aan vervanging toe. Samen met het Belgische SBE won het ontwerpbureau ivDelft de tender voor de nieuwe brug, die een stuk breder is en een apart gedeelte voor fietsers heeft. Het uitkragende fietsdek aan één zijde van de brug, is van vezelversterkt kunststof.

Een belangrijke eis was dat de nieuwe brug moest aansluiten bij de bijzondere vorm en structuur van de oorspronkelijke Bergwijkbrug wat een extern nagespannen, betonnen hangbrug was.
Aan de verlichting is extra aandacht besteed wat resulteerde in hangarmaturen aan spankabels, verlichte handregels en een accentverlichting van de pylonen

 mrt 04

De ‘oude dame’ definitief weg

De sloop van de oude Lekbrug bij Vianen is een feit. Een uitgebreide fotorapportage maakt u er deelgenoot van.

mrt 07

Wie was Jean-Baptiste Joseph Vifquain?

De gesloopte stalen boogbrug over de Lek bij Vianen is 85 jaar na de bouw gesloopt.
In 1826 is door Koning Willem I besloten tot de bouw van een ijzeren hangbrug over de rivier, waarvan de tekeningen zijn bewaard gebleven. De Belgische waterstaatsingenieur Jean-Baptiste Vifquain had daarvoor een ontwerp gemaakt dat een pijler midden in de Lek aangeeft, een pijler op elke oever en daartussen twee aan kettingen opgehangen overspanningen elk van 100 meter lengte. Aan de Viaanse zijde van de rivier is een scheepvaart opening getekend met een dubbele ophaalbrug. Op verzoek van de koning tekende Vifquain ook nog een hangbrug van 200 m zonder middenpijler
Vifquain was daarnaast een waterstaats- en stedenbouwkundig ingenieur van faam.
Drie weken na de slag bij Waterloo wordt hij adjunct ingenieur van Waterstaat in de provincie Zuid-Brabant, belast met de zorg voor kanalen, waterlopen en bossen.
Ook werden hem stedenbouwkundige en bouwkundige opdrachten verstrekt door het stadsbestuur van Brussel. Daarnaast vergrootte hij het kasteel Wissekerke te Bazel, ten zuiden van Brussel, en bouwde er in 1824 een brug over de parkvijver met een overspanning van 20,5 m, de eerste ijzeren hangbrug in België.
In 1827 werd de aanleg begonnen van een kanaal van Charleroi naar Brussel langs een door Vifquain ontworpen tracé, met tussen Charleroi en Brussel 55 sluizen met een verval van 2,40 m.
Gedurende de periode van de revolte heeft het werk aan het kanaal Charleroi-Brussel maar kort stilgelegen. Vifquain tekende en bestelde honderden houten vrachtschepen die voor het kanaal gebruikt konden worden, de ‘Baquets de Charleroi’.
Vifquain achtte het niet beneden zijn waardigheid om zich met spoorwegen bezig te houden. Hij bestudeerde de mogelijkheid van een railverbinding Brussel-Antwerpen en van de mogelijkheid Antwerpen met het Roergebied met spoor te verbinden.
In 1846 werd hem, slechts 56 jaar oud, bij koninklijk besluit de gelegenheid geboden met pensioen te gaan.
Hij overleed in 1854 in een instelling voor geesteszieken in Ivry-sur-Seine. Zijn nagedachtenis is in België pas laat in de belangstelling gekomen, onverdiend, want hij heeft zijn hele leven gewijd aan de ontwikkeling van de infrastructuur van zijn land en aan de verbetering en verfraaiing van de hoofdstad.

 mrt 05

Overpeinzingen bij de Ehzerbrug

Gerrit Schenk, een oud-waterstater heeft n.a.v. het artikel in ons decembernummer, oude herinneringen opgehaald van zijn werkzaamheden aan de verbreding van het Twenthekanaal in de jaren 70. Het geeft ons een inkijkje hoe RWS over ging van handberekeningen naar computerberekeningen, hoe het werken zonder mobiele telefoon moest geschieden en wat voor capriolen er bij het lossen van schepen en het onder bruggen doorvaren werden uitgehaald.

 mrt 06  

Verbijstering in Maastricht over sloop iconische spoorbrug

De iconische stalen spoorbrug over de Maas in Maastricht dreigt te verdwijnen. Eigenaar ProRail heeft een aanvraag ingediend om de brug te slopen.
De sloopplannen zijn opvallend, want de brug werd in 2010 nog voor 33 miljoen euro opgeknapt. Maar sinds die tijd hebben er slechts vijftien treinen van de brug gebruik gemaakt!
Vanuit de politiek wordt bezwaar aangetekend tegen de voorgenomen sloop omdat de brug gezien wordt als een monumentale spoorbrug.
Er zijn wel plannen met de brug. Er wordt al geruime tijd gesproken over de aanleg van een sneltramverbinding tussen Maastricht en de Belgische stad Hasselt. De brug past in dat traject, maar Rijkswaterstaat is niet enthousiast. Bij hoogwater zou de brug (te) vaak open moeten om schepen te laten passeren.